Het Mentor Café

#18 PESTEN op het werk

Hans Ruinemans, Wilma Out Season 1 Episode 18

Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.

0:00 | 31:52

Podcast Het Mentor Café
#18 PESTEN op het werk

Vraag in hoeverre is het slachtoffer zelf schuldig aan de pesterijen?

Antwoord: Nul. Laat dat met nadruk gezegd zijn. Het slachtoffer is niet schuldig.
Maar: het slachtoffer is wel de enige die de zaak kan omkeren. 

Zolang het slachtoffer de pesterijen ondergaat, zal de pester niet stoppen.
Het slachtoffer moet stoppen met het tolereren van de pesterijen. 

Vraag: Is dat ook je boodschap aan een luisteraar die daar op één of andere manier mee te maken krijgt?

Antwoord: Inderdaad. Als er in jouw organisatie sprake is van pesterijen op wat voor een manier dan ook… en in welke managementlaag dan ook… dan moet er worden gehandeld. Want de hele organisatie lijdt onder het pesten. 
===
Luister mee in Het Mentor Café
www.businesstales.com/podcasts

Support the show

Het Mentor Café
Podcast #18
PESTEN op het werk.

W = Wilma Out
H = Hans Ruinemans


W: Lang geleden werkte ik piepjong en verlegen een tijdje in een klassieke top-down organisatie. Iedereen beoordeelde mij als lief en schattig. Nou, luisteraar even onderons ons lief en schattig ben ik nooit geweest. Ik werkte samen met Rob. Net als ik was Rob administratief medewerker. En net als ik was Rob jong en verlegen. Maar Rob werd helemaal niet beoordeeld als: lief en schattig. ‘Ze’ vonden hem maar raar, met z’n gebreide truien en z’n bloempottenkapsel. ‘Ze’, dat waren de beleidsmedewerkers, de teamleiders, de afdelingssecretaresses en de postkamerchef en al deze mensen gingen los op Rob. Niets kon Rob goed doen. Elk gestempeld formulier, elke door hem getypt briefje, de ordners die door hem werden verplaatst, rondgebracht of opgestapeld alles was fout. Zelfs de gaatjes die Rob in een A4-tje perforeerde werden bekritiseerd. Op een kwade dag kreeg Rob een bijnaam: Rob Flessendop. En daarna: Flessendop. Geen idee waarom. En ik? Ik deed niks. Nou ja, ik trok wél met hem op, en ik sprak hem moed in. Ik siste soms om zoveel onrecht. Verder was ik vooral blij dat ik geen Flessendop werd genoemd. Een dieptepunt was trouwens – nu ik erover praat komt het weer terug – dat een dossier dat hij nodig had, steeds voor z’n neus werd gehouden en weer weggetrokken  je kent dat wel  en uiteindelijk de lange gang in werd gesmeten. Mind you, luisteraar . De aanvallers van Rob waren allemaal tussen de dertig en de vijfenveertig. Wij waren 20, misschien 21. Het was schan-da-lig. Op een dag hoorde ik dat Rob zich ziek had gemeld. We hebben hem nooit meer teruggezien.  Pesten op het werk daar gaat deze podcast over. Het is een groot probleem.  Ben jij een Rob? Of ken jij een Rob Flessendop? Ben je getuige van pestgedrag? Gewetensvraag doe jij er misschien zelf een heel klein beetje aan mee. Hoe kan pestgedrag op het werk worden uitgebannen en kan dat wel. Deze vraag stel ik aan Hans Ruinemans, boardroom monk. Buiten is het verrassend licht. Zo licht is dit onderwerp niet, toch Hans? 

H:Zeker niet Wilma. Pesten op het werk. Inderdaad een groot probleem. Voordat ik er meer over vertel, zeg ik graag dat iedere professional zowel zijn of haar baan als zijn of haar carrière kan verpesten door de werkrelaties niet goed te managen. 

W: Heeft pestgedrag dan te maken met het managen van je werkrelatie.

H: Ook. Werkrelaties zijn gecompliceerd. Niet iedereen voelt dat evengoed aan. Weet je dat er jaarlijks 4 miljoen werkdagen verzuimd worden vanwege pestgedrag?  

W: 4 miljoen? Hoe kan het zo veel zijn?

H: Nou, dat is niet zo moeilijk er zijn ongeveer 9 miljoen werkenden een kwart van hen zo is de schatting ervaart pestgedrag op het werk en dat zijn ruim 2 miljoen mensen en ieder van hen blijft gemiddeld 2 dagen per jaar thuis vanwege het pesten. 

W: Gemiddeld het overgrote deel blijft waarschijnlijk een hele lange tijd weg.

H: Ja, dat zijn de allerzwaartste pestgevallen moet je eens voorstellen hoeveel dat kost.

W: Wanneer is er sprake van pestgedrag Ik kan me voorstellen dat een werknemer zegt ik word gepest terwijl de persoon niet functioneert en dat niet wil of kan begrijpen.

H: Yes. Inderdaad kan pesten een subjectief gegeven zijn. Het is maar net hoe de persoon in kwestie de discussie over zijn of haar functioneren ervaart. Vóelt het als pesten of is het pesten? Ik denk dat dat  gek genoeg niet zoveel uitmaakt. Als iemand een bepaalde benadering ervaart als pesten dat is het al goed mis. Maar hoewel pestgedrag subjectief is, past het toch in een kader. Daarbuiten buiten dat kader is het dus wel ‘goed mis’ dan is er van alles aan de hand maar is het geen pestgedrag. 

W: Dus: een ziekmelding vanwege pestgedrag kan ook zijn een ziekmelding vanwege.

H: Nou discriminatoir gedrag, seksisme of een ziekmelding vanwege een zwaar verstoorde arbeidsrelatie.Ik zeg trouwens niet dat de klacht of de ziekmelding daarmee onjuist is.

W: Nee, je zegt als ik goed luister dat pestgedrag subjectief is.Laten we even luisteren naar Pink. 

https://youtu.be/eX7nMCRSqJU     Cover van Pink – Welcome to my silly life

H: Ik zeg dat pestgedrag gesloten zit in een kader. Maar veel maakt dat niet uit. Als een werknemer klaagt over pestgedrag, dan is er altijd sprake van Code Rood.

W: Mijn ervaring met Rob Flessendop, zoals hij werd genoemd, die valt volgens mij volledig binnen het kader Pestgedrag. 

H: Dat denk ik ook, hoewel ik er niet bij was. Jij bent achteraf vooral verbaasd, zo beluisterde ik, omdat de pesters niet direct of per se passen in het profiel dat jij hebt van een pester…

W: Inderdaad. Ik kan dat steeds minder plaatsen. Het waren immers dertigers en veertigers met een nou ja, laat ik zeggen hogere status dan Rob. En ik. 

H: Helaas moet ik je nog meer shockeren. Als we kijken naar het hardcore pestgedrag dan kan ik je zeggen dat het overal voorkomt. Overal. In de bestuurskamers ik kan er zo 5, 6 verhalen over vertellen in docentenkamers, ik liep rond op twee grote HBO-instellingen, hou me tegen  op ministeries in de rechterlijke macht. In alle werkgerelateerde verhoudingen komen pesters en slachtoffers voor. Ik zelf heb kortgeleden nog meegemaakt hoe een CFO, chief financial officer, in een vergadering totaal werd genegeerd. Door zijn eigen collega’s. Bij een middelgrote bank. Ik deed een opdracht voor die bank. De sfeer was daar niet oké. 

W: Wat gebeurde er dan precies? 

H: Die CFO werd in de eerste plaats tijdens die vergadering passief genegeerd dat is bijna niet detecteerbaar als je erbij bent denk ik: voel ik dit nu goed aan? Maar ik voelde het inderdaad goed want de man werd in die vergadering ook actief genegeerd. Zo vroeg hij aan een ondergeschikte.

W: Ondergeschikte, wat een ouderwets woord

H: De financiële sector is traditioneel.

W: oké, traditioneel. Wat een traditioneel woord.

H: Ja toch maar ik ga graag verder met mijn train of thought. Hij vroeg aan zijn ondergeschikte dus, we zaten om een megagrote vergadertafel, of deze de suiker aan wilde geven je kent ’t wel, er stond zo’n potje met langwerpige suikerzakjes. De betreffende ‘ondergeschikte’ liet de suikerpot staan en gooide het suikersachet met een pisboogje naar zijn baas. Nou, dan weet je het wel.

W: Ondergeschikten kunnen het leven van hun leidinggevenden behoorlijk verzieken.

H: Klopt. Hoewel pestgedrag bottom-up iets minder gangbaar lijkt te zijn. Pestgedrag is natuurlijk altijd een autoriteits-kwestie. Voor goed top-down pestgedrag heb je een sterk collectief nodig. 

W: Een leidinggevende heeft veel meer autoriteit. En macht en aanzien.

H: Daarom komt pestgedrag top-down natuurlijk veel meer voor. Leidinggevenden misbruiken soms hun macht en gaan tot pesten over om hun zin te krijgen. Daarmee intimideren ze gelijk de anderen en geldt het pesten als een waarschuwing en leidinggevenden kunnen hun ondergeschikten gebruiken sorry, Wilma, voor deze woorden  om hun ongenoegen af te reageren. 

W: Ik neem aan dat pestgedrag in de bestuurskamers er anders uitziet dan.

H: Dan in het magazijn van De Technische Unie.

W: Precies. Ik heb ooit eens beelden gezien van een medewerker die opgesloten werd in een rolcontainer.

H: Ja, en de hele dag werd rondgereden maar zo expliciet is het vaak niet, hoor. Ik zelf heb een tijdje rondgelopen op een Hogeschool. Daar was sociale uitsluiting en het verschaffen van bijna onmogelijke taken een vertrouwde methode om collega’s de ziektewet in te werken.

W: En dan heb je het over.

H: Over docenten in het Hoger Onderwijs en op Universiteiten kan ik je zeggen  is het nog heftiger. Dat gebeurde zowel door teamleiders als door directe collega’s. Hoewel er natuurlijk altijd een hiërarchische verhouding moet zijn en heel belangrijk om binnen het kader van pestgedrag te vallen moet er sprake zijn van groepsvorming. Onder collega’s zal er doorgaans er een soort van overeenstemming ontstaan zijn over bijvoorbeeld uitsluiting van één van hen. Maar nu verlaat ik het domein van de educatie want ik zei al dit komt overal voor. Met name in tijden van krimp en reorganisatie is pesten een middel waarmee werknemers en leidinggevenden. Als het ware een ‘voorselectie’ doen.

https://youtu.be/gkXvDaZppUY   Uit: Glee  Mean

W: Een toepasselijke song van Glee Mean. Maar we zeiden al gepest worden is een subjectief gegeven.

H: Inderdaad. Pesten is subjectief. Om binnen het kader van pestgedrag te vallen, moet er sprake zijn van een aantal specifieke elementen. Ik zeg nog maar een keer voor de getroffene maakt het niks uit. Die voelt zich hoe-dan-ook vreselijk.

W: Zelfs als het gedrag valt binnen het kader van pesten dan nog zullen de pesters ontkennen dat zij zich aan pestgedrag schuldig maken. 

H: Zeker. Die ontkenning kan ook nog onderdeel uitmaken van het pestgedrag. Hoewel ik sterk neig naar een vierkante opstelling achter het slachtoffer weet ik ook dat ‘slachtoffers’ kunnen overdrijven. Dat kan. Dat heb ik ook meegemaakt. Pestgedrag kan worden opgevoerd als omstandigheid wanneer collega’s zich benadeeld voelen, terwijl dat niet altijd zo hoeft te zijn. 

W: Maar toch: hoe zien pesters eruit.

H: Nou, dat is best een goede vraag. 

W: Ik stel alleen maar goede vragen.

H: Je bent een topper. Hoe zien ze eruit die pesters? In de eerste plaats is de pester niet de persoon met de laagste status. Ik zei al dat er hiërarchie voor nodig is. Daarnaast is een pester nooit een solist. Pesten is een collectief gegeven. Zodra het een grief is van één persoon tegen een ander persoon, dan is het per definitie geen pestgedrag. 

W: Pesten bestaat bij de gratie van een groep. 

H: Zonder collectief geen pesten. Er is meestal wel een initiatiefnemer. Of: een gangmaker. Of allebei. Pesten is vanuit de visie van de pesters trouwens een zeer tevredenstellende activiteit. Alles zit erin. Zoals dus groepsvorming. Plezier er wordt hartelijk om gelachen. Het is verslavend je komt de tijd goed door. Het vraagt om creativiteit en de pesters zien resultaat van hun pestgedrag.

W: Je zegt: de pesters zien resultaat hoe dan?

H: Het slachtofferschap van de gepeste persoon geldt als een soort bevestiging van het eigen gelijk. “Kijk dan wat een kluns is het ook.”

W: “Zie hem eens zielig doen”

H: Ja en ”hij past ook helemaal niet bij onze groep”. De andere kant is dat de pesters vaak een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefenen op de anderen al was het maar omdat die bang zijn het volgende slachtoffer te worden. “If you can’t beat them, join hem”.

W: Maar nu wat zijn de gevolgen voor de “gepeste”?

H: Ja, of het nu pesten is of ervaren wordt als pesten voor de gevolgen maakt dat niets uit. Het gevoel van uitsluiting is gewoon vernietigend. 

W: En het gevoel het mikpunt te zijn.

H: Zeker, ja. Het slachtoffer ervaart letterlijk een bedreiging van het voortbestaan. Hij of zij staat doorlopend onder spanning. Het fysieke en mentale systeem bereidt- zich elk moment van de dag voor op een aanval.

W: Daartegen zijn een lichaam en een geest helemaal niet bestand. 

H: Precies. Slachtoffers van pesten zullen dus last krijgen van fysieke en mentale klachten. Hoofdpijn, maag- en darmklachten, hyperventilatie, hartklachten, huilbuien en natuurlijk slaapproblemen. Nogal wat pest-slachtoffers raken arbeidsongeschikt. 

W: Dat is heftig.

H: Hierin zit dan ook mijn waarschuwing. Zowel voor het slachtoffer als voor de pester én voor de mee-pester. Een slachtoffer dat niet opgeeft dat elke dag opnieuw naar het werk gaat met de moed der wanhoop soms en lood in de schoenen en steeds weer hoopt op verbetering dat slachtoffer loopt het risico om een Post Traumatische Stress Stoornis op te lopen.Ik wil hier in deze podcast duidelijk gezegd hebben dat zowel pesters als mee-pesters als omstanders die er wel vanaf weten, maar niet ingrijpen dat die mede-verantwoordelijk zijn voor de eventuele gevolgen van het pestgedrag. Naar schatting is één op de tien zelfdodingen gerelateerd aan pestgedrag. Van de overlevers van een suicidepoging weten onderzoekers in ieder geval dat dat getal klopt. Je moet weten dat pestgedrag niet alleen gevolgen heeft voor het slachtoffer maar ook voor de pesters en voor de organisatie.

W: De pester wordt er slechter van vanwege de diepe, diepe spijt?

H: Ook dat ik zou bijna zeggen hopelijk. Maar ook omdat hij of zij door de organisatie als een bedreiging wordt gezien waar iedereen het liefst snel vanaf is.

W: Ingrijpen dus. Maar hoe doe je dat.

H: Alertheid is nummer 1. Bij iedereen. Ook als je slachtoffer bent of denkt te zijn. Ik zei al dat het gedrag niet altijd hoeft te passen binnen het kader. 

W: Maak het pesten bespreekbaar.

H: Zeker. Oók of misschien juist als omstander. Of als mee-pester. Maar vooral als slachtoffer.
Hier kom ik aan bij wat ik aan het begin van deze podcast zei. Je kunt zowel je baan als je carrière verpesten door het verkeerd aanpakken van je werkgerelateerde relaties.  Als je slachtoffer bent, dan moet je beseffen dat pestgedrag bestaat omdat er een slachtoffer is. Pesten stopt als jij stopt met slachtoffer zijn. 

W: Stop het slachtofferschap. 

H: Daar begint ‘t. en hoe doe je dat dan.Ik kan me voorstellen dat dat je volgende vraag is…

W: Hoe doe je dat hoe stop je het slachtofferschap. 

H: Ik wil nogmaals dat het slachtoffer van pestgedrag begrijpt dat pesten stopt  waar slachtofferschap ook ophoudt. Dat is het belangrijkste deel. We weten al dat het niet helpt om dagelijks terug te keren naar de oude situatie. Dat helpt niet. Wat je dan doet, is het pestgedrag van de pester trainen. De pester wordt steeds beter in, dankzij jouw tolerantie.

W: Je bent dan min of meer zo’n bokszak.

H: helemaal. En een mens is geen bokszak. Dat leidt linea recta naar op zijn minst een psychische of lichamelijke klachten. Pesten dooft niet vanzelf uit en als dat wel zo zou zijn dus als het vanzelf uitdooft bijvoorbeeld omdat de pester een ander slachtoffer heeft, dan loop je elke dag een nieuw risico. Op een nieuw pest-offensief en dat weet je. Mijn voorkeur zou zijn maar ik weet dat niet iedereen dat kan maar mijn voorkeur heeft het om je pesters één voor één uit te nodigen voor een gesprek. De hoofdpester als eerste. Als het kan doe je dat met een bemiddelaar erbij één die je zelf hebt uitgekozen. In dat gesprek  dat je goed voorbereid ga je niet in discussie. Zo’n gesprek is het niet. Je legt niets uit en je verdedigt jezelf niet.
Je stel je ook niet op als slachtoffer. Nee. Je bent een serieuze tegenstander. Je maakt je gesprekspartner duidelijk dat je weet wat er aan de hand is en dat je het niet tolereert. Niet en je zegt daarbij dat je alle juridische wegen openhoudt. En ernaar zal handelen.

W: Je pakt de regie.

H: Inderdaad. Je pakt de regie. Volledig. En je hebt het gelijk aan je kant staan. In dat gesprek – trouwens, hoewel ik nu erg gedetailleerd word maar in dat gesprek vermijd je het om te praten over je gevoel. Je houdt je bij de feiten en maak ook duidelijk dat de pester de voortgang van de hele organisatie blokkeert en haar of zijn eigen reputatie beschadigt. Omdat jij je mond hierover niet zult houden. Zeg dat je een dossier aanlegt en doe dat ook. Vertel de pester welk gedrag je voortaan van hem of haar verlangt. Nou, het zal duidelijk zijn dat dat nog maar bar weinig is. 

W: Inhoud. Geen emotie. 

H: Zo moet het. En als een luisteraar nu denkt: ‘hoe pak ik zoiets aan”dan zeg ik hierbij: neem even contact op met mij. Ik strak de zaak voor je op en bereid je voor op zo’n confrontatie. 

W: Want je zei al: niet iedereen kan dat.

H: Dat klopt, en dat is ontzettend jammer. Want na dat gesprek komt het erop aan: je moet voet bij stuk houden. Dus: je tolereert niets meer.

W: Pesten kan ook heel subtiel zijn, hè.

H: Ja, dat klopt. Ik vertelde je al van de CFO die een suikerzakje naar zich toe gegooid kreeg. Daar bleef het niet bij. Tijdens die vergadering werd zijn inbreng stelselmatig genegeerd. Er werd door hem heen gepraat en er werd langs hem gekeken. Deze CFO heeft dat natuurlijk gevoeld, dat kan niet anders.

W: Wat had hij moeten doen?

H: Om te beginnen had hij het gegooide suikerzakje terug moeten geven en iets moeten zeggen als: “Dit accepteer ik niet. Ik wil dat je dit fatsoenlijk aan mij geeft” en wat de loop van de vergadering betreft hij had de meeting natuurlijk moeten verlaten. Zonder enige emotie. Met kaarsrechte rug. 

W: Je zou als slachtoffer bijna aan jezelf gaan twijfelen. 

H: Nou, ik zou zeggen: doe dat nooit. 

W: Leg de handgranaat bij de juiste deur. 

H: Nou, dat is wel heel erg 2022. Maar ergens heb je gelijk. Een pester heeft een basis nodig. Die basis bestaat uit macht  publiek en een slachtoffer. Die basis moet jij wankel maken.  

W: Pestgedrag begint onduidelijk. In het geval van Rob weet je wel begon het met kleine plagerijen. Niks bijzonders, eigenlijk.

H: Dat klopt. Rob had het kunnen bestrijden door het gedrag te benoemen….

W: Ik had dat ook kunnen doen.

H: Niemand mag het ooit twee junior-medewerkers kwalijk nemen. 

W: Je zegt: Rob had het vanaf het begin kunnen bestrijden door het gedrag te benoemen…

H: Ja, door bijvoorbeeld te zeggen”Meneer Jansen, u vroeg aan mij om ik noem maar wat om de dossiers in de linkerkast te leggen het is onterecht van u om boos te worden dat ze nu.” nou ja, vul maar in.

W: Bedoel je dat je moed moet tonen?

H: Ja, in zekere zin is dat ‘t. Werk aan je moed. Lef. Maar ook: sta niet toe dat een ander je kleineert. Sta dat gewoon niet toe. Als jij een makkelijk doelwit bent, dan zal de pester niet stoppen. Stel grenzen aan wat je van een ander tolereert. Als je eenmaal een soort van ja, een soort limiet hebt bepaald dan ben je het aan jezelf verplicht om de pester te stoppen. Overigens ik vertelde net al dat je tegen je pester kunt zeggen dat je een juridische route niet uitsluit, en ik vind dan ook dat je een juridische weg niet mag uitsluiten. Je hoeft er niet op aan te sturen, maar hou bij alles dat je doet alle gesprek notities alle e-mails alle appjes en post-it’s met beledigingen rekening met een eventuele geschillencommissie of zelfs een rechtszaak en natuurlijk ga je op een bepaald moment met je dossier naar de HR-directeur. 

W: Ik kom weer even terug op mijn begin van deze podcast het verhaal van Rob. Rob Flessendop. In hoeverre is Rob zelf schuldig geweest aan de pesterijen?

H: Nul. Dat wil ik met nadruk gezegd hebben. Het slachtoffer is niet schuldig. Maar het slachtoffer is wel de enige die de zaak kan omkeren. Zolang het slachtoffer de pesterijen ondergaat, zal de pester niet stoppen. Het slachtoffer moet stoppen met het tolereren van de pesterijen. 

W: Is dat ook je boodschap aan een luisteraar die daar op één of andere manier mee te maken krijgt?

H: Inderdaad. Als er in jouw organisatie - groot of klein - sprake is van pesterijen op wat voor een manier dan ook en in welke managementlaag dan ook dan moet er worden gehandeld. Want de hele organisatie lijdt onder het pesten. 

W: Voordat ik deze podcast afsluit, leg ik je graag even een vraag voor van een luisteraar….

H: Oké dat kan nog.

W: Luisteraar Menno wil van je weten wie jij bewondert.

H: Wie ik bewonder? O, wat een leuke vraag. Nou, op dit moment lees ik een vertaalde autobiografie van Al Ghazali. Al Ghazali was een Middeleeuwse denker die naar mijn mening en de mening van velen vaak verkeerd wordt begrepen. Ik raad het iedereen aan het boek heet. Verlost van Onzin.

W: De titel klinkt al bevrijdend.

H: Ja hè en verder ben ik een bewonderaar van de Canadese psycholoog en YouTuber Jordan Peterson.

W: Ook al omstreden, dacht ik.

H: Als iemand als omstreden wordt neergezet, vind ik het interessant worden.

W: Misschien ben jij ook omstreden.

H: Wie weet.

W: Hiermee verklaar ik deze podcast als ten einde gekomen, beste luisteraar. Fijn dat je erbij was, we ontmoeten je graag een volgende keer. Je kunt je trouwens abonneren op Het Mentor Café. Daarmee maak je ons heel blij. Tot de volgende keer, tot de volgende podcast.

 

 Meer podcasts beluisteren?
www.businesstales.com/podcasts

Een korte belafspraak maken met Hans Ruinemans?
www.businesstales.com/Hans

Een klein compliment geven aan deze podcast-serie?
https://www.BuyMeACoffee.com/HetMentorCafe